Mara
Ouderblijver
Ik reed daarnet met de auto naar huis en plots overviel het me weer helemaal. De radio speelde een rustig liedje en voor ik het goed en wel besefte stonden de tranen in mijn ogen aan het rode licht. Je kent dat gevoel wel... je denkt dat ge een goeie week hebt en dat ge het allemaal wat een plaats hebt kunnen geven en dan ineens breekt er zonder waarschuwing toch weer iets open vanbinnen.
Mensen uit de omgeving die zelf nooit in zo'n situatie hebben gezeten zeggen soms met de beste bedoelingen: "Mara, ge moet het stilaan leren loslaten voor uw eigen gemoedsrust." Maar hoe doet ge dat in godsnaam als ouder? Je kunt uw eigen vlees en bloed toch niet zomaar parkeren alsof de herinneringen er niet zijn. Mijn dochter niet die me al zo lang niet meer wil zien en mijn zoon niet die ik amper nog ongedwongen kan vastpakken zonder dat hij zich schuldig voelt tegenover de andere kant.
Ik heb het daarstraks tijdens het koken in alle stilte aan de Heer gevraagd: "Wat verwacht U nu eigenlijk van mij?" Want opgeven wíl en kan ik niet.
Voor mij begint het stilaan te voelen alsof loslaten niet betekent dat je de deur dichttrekt, maar dat je uw kinderen toevertrouwt aan Iemand wiens armen veel verder reiken dan de onze. Hen elke dag opnieuw in Zijn handen leggen, net omdat mijn eigen handen te kort schieten om hen te beschermen tegen alle verwarring en pijn. Dat neemt het gemis niet weg en de avonden alleen blijven soms verdraaid stil, maar het haalt wel die harde kramp van angst en machteloosheid uit mijn lijf.
Worstelen jullie daar soms ook zo mee... met dat woord "loslaten"? En hoe vinden jullie de balans tussen overgave aan God en hoopvol blijven wachten?
Mensen uit de omgeving die zelf nooit in zo'n situatie hebben gezeten zeggen soms met de beste bedoelingen: "Mara, ge moet het stilaan leren loslaten voor uw eigen gemoedsrust." Maar hoe doet ge dat in godsnaam als ouder? Je kunt uw eigen vlees en bloed toch niet zomaar parkeren alsof de herinneringen er niet zijn. Mijn dochter niet die me al zo lang niet meer wil zien en mijn zoon niet die ik amper nog ongedwongen kan vastpakken zonder dat hij zich schuldig voelt tegenover de andere kant.
Ik heb het daarstraks tijdens het koken in alle stilte aan de Heer gevraagd: "Wat verwacht U nu eigenlijk van mij?" Want opgeven wíl en kan ik niet.
Voor mij begint het stilaan te voelen alsof loslaten niet betekent dat je de deur dichttrekt, maar dat je uw kinderen toevertrouwt aan Iemand wiens armen veel verder reiken dan de onze. Hen elke dag opnieuw in Zijn handen leggen, net omdat mijn eigen handen te kort schieten om hen te beschermen tegen alle verwarring en pijn. Dat neemt het gemis niet weg en de avonden alleen blijven soms verdraaid stil, maar het haalt wel die harde kramp van angst en machteloosheid uit mijn lijf.
Worstelen jullie daar soms ook zo mee... met dat woord "loslaten"? En hoe vinden jullie de balans tussen overgave aan God en hoopvol blijven wachten?