Als ik nu door de woonkamer loop en zie hoe stil het kan zijn, moet ik soms even terugdenken aan hoe het twintig jaar geleden was. De agenda stond toen niet in het teken van rust, maar van strakke planningen, uitpuilende zakken en het beruchte ritme van de scheiding: de veertiendagenregeling.
Iedere twee weken het huis opruimen, de tassen inpakken en dan dat lege gevoel in de gang op de dagen dat ze er niet waren. Nu bestaat er co-ouderschap, maar toen was dat nog niet echt ingeburgerd. Als vader stond je aan de zijlijn. De dagen dat ze er wél waren vlogen voorbij in een waas van huiswerk, eten koken en het compenseren van het gemis. Je probeert als gescheiden vader de perfecte balans te vinden in een systeem dat je nu eenmaal is opgelegd. Je leeft van wisselmoment naar wisselmoment.
Inmiddels zijn die kinderen allang geen kleuters of pubers meer met een koffertje in de gang. Ze zijn groot, hebben een eigen leven, studeren of werken, en vliegen uit.
Pas nu ze volwassen zijn merk ik dat het vaderschap niet stopt zodra de co-ouderschapsregeling afloopt. Sterker nog, de dynamiek verandert volledig. Je bent geen regelaar meer van wie wanneer waar is, maar je wordt iemands klankbord... een adviseur op afstand, of gewoon weer even die vader bij wie ze op de koffie komen.
In deze blogreeks neem ik jullie mee in die reis. Van de hectiek van de veertiendagenregeling van toen tot de waardevolle, maar soms ook zoekende band met inmiddels volwassen kinderen van nu. Want hoe blijf je vader als de praktische handvaten van de scheiding wegvallen en iedereen zijn eigen weg kiest?
Herken jij die overgang van de intensieve wisselregelingen naar het loslaten van je volwassen kinderen? Laat het gerust weten in de reacties.